Johannette Zomer



De Nederlandse sopraan Johannette Zomer behaalde in 1997 zij haar diploma Uitvoerend Musicus bij Charles van Tassel aan het Sweelinck Conservatorium te Amsterdam. Het repertoire van Johannette reikt van de Middeleeuwen tot en met de 20e eeuw, met als gevolg een zeer gevarieerde en omvangrijke concertpraktijk. Zij werkte daarom niet alleen met belangrijke barokspecialisten zoals Philippe Herreweghe, Ton Koopman, Frans Brüggen, René Jacobs, Reinard Goebel en Paul McCreesh, maar ook met dirigenten als Kent Nagano, Daniel Harding, Valery Gergiev, Reinbert de Leeuw en Peter Eötvös. Verder geeft Johannette regelmatig liedrecitals met forte-piano specialist Arthur Schoonderwoerd, en maakt deel uit van de ensembles Compania Vocale en Antequera, met welke zij Napolitaanse/Spaanse barok en Middeleeuwse Cantigas ten gehore brengt.
Haar operadebuut maakte zij in oktober 1996 bij de Nationale Reisopera in Verdi's Don Carlo als page Tebaldo. Sindsdien heeft zij meerdere malen op de operabühne gestaan in rollen als Belinda, Pamina, Euridice, Dalinda en Ilia maar ook als Amanda in Ligeti’s Le Grand Macabre. In maart 2004 maakte zij haar debuut aan de Komische Oper in Berlijn als Oberto in Handel’s Alcina en in 2005 was zij als Mélisande bij de Reisopera te zien. Johannette heeft diverse, goed ontvangen cd-opnames op haar naam staan.